Wilgenreservaat

Natuur en Recreatie, Natuurgebied,

Het Wilgenbos ligt aan de rand van de Knar. De Knar was al ver voor de drooglegging van de polder een begrip. In de tijd van de Zuiderzee kenden vissers deze zandrug, een pleistocene opduiking, als visrijke plek en schippers van vrachtschepen meden de ondiepte. Zelfs voordat de Zuiderzee ontstond, was de Knar al bekend. Op dat moment als veilige hoogte in het veenmoeras dat Flevoland bedekte.

Toen eind jaren ’60 van de vorige eeuw Zuidelijk Flevoland droogviel, kwamen er miljoenen wilgenzaadjes op het natte slik terecht. Er ontstond een wilgenbos dat zich heeft ontwikkeld tot echt oerbos. De natuur kon volledig haar eigen gang gegaan. Er wordt onderzoek gedaan naar de bosvorming, maar het bos heeft ook een speciale betekenis door de vele korstmossen die er voorkomen.
Door de jaren heen heeft dit sfeervolle natuurbos zich ongestoord kunnen ontwikkelen.

‘Natuurbos’ betekent niet altijd veel afwisseling. Het aantal boomsoorten in het Wilgenreservaat is beperkt tot enkele wilgensoorten waaronder schietwilg, amandelwilg en kraakwilg. Dat het bos toch gevarieerd lijkt, komt door de natuurlijke variatie in dichtheden en groeivormen. Open en gesloten, hoog en laag bos lopen voortdurend in elkaar over.
De constant vochtige atmosfeer maakt het schaduwrijke bos een ideaal leefgebied voor slakken die er massaal op stammen en takken huizen. Slakken zijn gevoelig voor uitdroging, maar in dit bos hebben ze een goede plek gevonden. Op de bodem is volop dood plantenmateriaal te vinden, daar leven ze van.

Honden zijn niet toegestaan.